juryrapport Harry de Vroome pennning

“Met het ontwerp “What’s behind” wordt de kwaliteit van het landschap versterkt, wordt het gebied stiller gemaakt en wordt het wegbeeld van de A28 als kwaliteit aangegeven. Het gaat hier om de samenhang van de geluidswal, de middenberm, het uitzichtpunt en het ecoduct.

De inrichting van de geluidwal en de middenberm van de A28 is op een unieke samenhangende wijze vormgegeven en weerspiegelt de natuur die zich achter de wal bevindt. De wal heeft een bosgedeelte en heidegedeelte, die inspelen op het omliggende en achterliggende landschap. De gevarieerde glooiingen van de wal sluiten prachtig aan bij de accidentatie van het stuifzandlandschap en naadloos bij het gevarieerde bos- en heidelandschap van het Dwingelderveld.

Het uitzichtpunt is als een beeldmerk van het Dwingelderveld vormgegeven en geeft een spectaculair uitzicht over het natuurlijk vormgegeven snelweglandschap. De A28 snijdt als een vlijmscherp mes door de natuur.

De vernatting en verschraling van de middenberm van de A28 geeft dit natuurlandschap extra cachet en etaleert de natte heide die zich ook achter de wal bevindt. De stilte achter de wal is indrukwekkend.

Het ecoduct is één vloeiend geheel met het glooiende natuurlandschap van de wal en maakt een lichtvoetige indruk met zijn smalle getoogde doorgangen voor de beide hoofdrijbanen en de parallelweg. Dat deze rijbanen als aparte tunnelviaducten door het grondlichaam zijn gevoerd is een architectonische verdienste.

De vernieuwing van het project schuilt in de verweving van snelweglandschap en natuurlandschap. Daar waar in de regel een geluidswal een technische akoestische voorziening is en zich manifesteert als een saaie rijkswaterkering, is hier de uitdaging opgepakt om de geluidwal op te nemen in het natuurbeeld van het Dwingelderveld”.